vrijdag 24 mei 2013 De verbindende schakel in fotografie
Nächstes Mal mehr
Vorige Volgende
9 november 2008 »
door Anouk Kruithof

Alléhoppa gleich wieder da. Niet zo pünktlich als normaal, maar wel compleet met grote bundel woorden. Veel gebeurd alweer hier in Berlijn. Natuurlijk in eerste instantie de grote overwinning van Obama, die de afgelopen week voor het positieve gespreksmateriaal op de openingsborrels heeft gezorgd. Met vlak daarna het weer. Het weer heeft namelijk een grote omslag gemaakt.

Inmiddels is het 4 uur middagdip met grijze lucht die steeds donkerder wordt. Het is hier echt vroeg donker, maar iemand attendeerde me er al op dat het in Nederland inmiddels ook vroeg donker wordt.
 
Ik zal eens even laten zien dat ik echt een tüpische Hollanderin ben door eens flink te zeuren over het weer. Je merkt aan iedereen hier in Berlijn dat de zware depressieve lange winter er aan zit te komen, het moment waarop Berlijn minder fijn Berlijn zal zijn. Zo blijkt uit de verhalen, die me al waarschuwde toen ik als naïeve optimist van de daken riep dat Berlijn het Walhalla is. De Berlijner raakt naar binnen gekeerd en naar buiten geïrriteerd.
 
 
Mijn dagelijkse fietstocht van huis naar mijn atelier wordt ook al steeds treuriger. Ik realiseerde me laatst op mijn fiets opeens dat ik een naaktslak dood reed. Zo vreemd was het, omdat ik het bewuste signaal van besef dat mijn wiel de naaktslak bijna een kopje kleiner maakte op het moment dat het net te laat was binnenkreeg en ik op dat moment niet meer kon uitwijken. Mijn fiets gleed door over de gele blaadjes die op het wegdek plat liggen te zijn en bij elke slag van het wiel een stukje naaktslak achterliet. De door mij vermoorde naaktslak werd dus als het ware verspreid begraven en opgenomen in de gele blaadjes. Ergens wel een geruststellend idee, al kon ik er op dat moment niet mee leven dat ik de naaktslak echt doodgereden had. Ik draaide toch om met mijn fiets, om te kijken of het wel echt zo was, maar helaas zo’n 100 meter terug lag een hoopje slijmerig goed met die 2 lieve tentakels waarop zijn ogen zitten tegen de grond aan ‘gesmasht’.  Ik keek maar niet te lang want ik werd er een beetje misselijk van in mijn buik.
 
Eenmaal op mijn atelier aangekomen wachtte me een bijzondere dag.  Een bezoek van 30 curatoren/schrijvers/critici. Het was de door het Goethe Instituut georganiseerde reis Gegenwartskunst in Deutschland. Ik organiseerde mijn atelier een beetje en legde wat publicaties klaar, voordat de groep zou arriveren. Australië, China, Brazilie, Bangladesh, Chili, India, Iran, Italië, Kazachstan, Kenia, Cuba, Maleisië, Macedonië, Mexico, Nieuw Zeeland, Nederland, Oostenrijk, Polen, Rusland, Spanje, Syrië, Togo, Tjechië, Hongarije, Uruguay, Verenigde Arabische Emiraten, Amerika en Vietnam: alle brachten deze landen een vertegenwoordiger vanuit de kunstwereld met belangstelling voor hedendaagse kunst in Duitsland.
 
Het was een van de merkwaardigste atelierbezoeken die ik tot nu toe heb gehad, gewoonweg omdat je geen idee hebt wat je met zo’n groot aantal mensen in je atelier precies moet doen. In het begin schudde ik enthousiast de hand, maar al snel merkte je dat je met culturele verschillen wat betreft de hand schudden te maken had. Er waren mensen bij die een stap terug namen, anderen die schuchter om een hoekje van het atelier keken, maar niet binnen durfde te komen. Weer anderen duwden je direct allerlei informatie in de hand over de organisatie waarvoor ze werkten of namen ongevraagd foto’s. Het grappigst waren de Aziaten, die aan hun collega reisgenoten vroegen of zij een foto wilde maken van hen poserend (soms met mij erbij! hiha) in mijn atelier. Ik moest hier stiekem toch ook wel om lachen, voelde me net zo’n aapje in de dierentuin zonder het glas.
 
Gelukkig had ik ook een paar leuke gesprekken met wat mensen die “bleven hangen” en dit is natuurlijk eigenlijk het meest prettige en interessantste. Ik vond het boeiend om deze bijzondere mengeling van mensen te observeren, net zoals zij dat deden met mij en met mijn atelier. Het was eigenlijk meer een toeristische reis door de ateliers en gangen van Bethanien ipv  de ‘gebruikelijke’ studio visits met de daarbij behorende  (soms dieper gaande) gesprekken. Een maffe ervaring, waarover onder de kunstenaars van Bethanien veel ophef was op de wandelgangen, maar geen tijd hier dieper op in te gaan, want we zaten alweer in de taxi naar de opening van ArtForum.
 
De afgelopen weken rondom het ‘kunstbeursweekend’ was het ongelofelijk druk, een lawine van uitnodigingen stroomde mijn mailbox binnen via Valeria, degene die in Bethanien alle uitnodigingen van exposities waar kunstenaars die ooit in Bethanien verbleven, doorstuurt. Teveel om uit te kunnen kiezen, waardoor je gewoonweg gedwongen wordt alle emails uiteindelijk radicaal te wissen. Daarnaast waren er ook talloze studio visits, wat natuurlijk superfijn is dat ze er zijn, alleen zorgen deze bezoeken ook voor een bepaalde druk, omdat je jezelf en je werk toch steeds opnieuw moet presenteren. Ook maakt het studio-visit-inschrijfsysteem van Bethanien de kunstenaars nogal competitief, omdat je wanneer je een emailtje binnen krijgt over een aankomend bezoek,  als een speer naar de 3e etage moet rennen om je op een lijst in te tekenen. Kunstenaars die even op de wc zaten of een sigaretje aan het roken waren en niet continu geketend zitten aan hun muis en de refreshbutton van het emailprogramma, zijn mogelijk te laat met hun naam op de lijst te schrijven.
 
En dan heb je gewoon verdomde pech. Niets rest nog dan het accepteren van deze pech. Zelf ben ik ook vaak te laat en heb onlangs besloten deze pech niet te accepteren. Ik ben hiervoor acuut op indoorcycling (ook wel bekend als spinning of je-de-tering-fietsen-op-het-ritme-van-keiharde-ellendige-muziek) gegaan. Hiermee probeer ik mijn uithoudingsvermogen en fysieke snelheid op te krikken zodat ik bij alle toekomstige studio visits voortaan als eerste op de lijst sta. Ook zit ik tegenwoordig de hele dag in mijn sportoutfit achter de computer in afwachting op een email om naar boven te rennen en me in te schrijven.
 
Ik maak geen foto’s meer, geen nieuw werk: puur omdat ik toch echt de nodige studio visits moet scoren. De artist in residence is inmiddels veranderd in een artist in stressidence (cytaat Kirsten Algera). Het motto van vandaag is: rennen, niets missen, overal aan deel nemen, je er te hard instorten en laten overstromen. Strelaxss!

Nog nooit hebben we het zo druk gehad.
Stress is de grondstemming van onze tijd.
De Westerse mens wordt meegezogen in ‘Tornado Overkill’.
De opmars van de overweldigende razendsnelle beeldcultuur. De steeds sneller groeiende technologische ontwikkelingen. Het  ontstaan van de ‘meerkeuze-maatschappij’.  Er is een stuwende input aan informatie en zelfs de tegenbeweging ‘slow’ biedt geen resultaat. Steeds weer rukt ‘Tornado Overkill’ op en de mens laat zichzelf erin opslurpen met het gevolg zichzelf erin te verliezen. Stress. Overspannenheid. Burn-out. Bam! We bewegen haastiger en rukken sneller op. We willen veel en steeds meer. Onze innerlijke leegheid proberen we hardnekkig op te vullen met rusteloze bedrijvigheid.
 
Ik zie dat nieuw stressgerelateerd neurotisch gedrag zich ontwikkelt. Er wordt  gevochten tegen de natuur en de psychische en lichamelijke grenzen worden steeds verder opgerekt. Doorgaan totdat de spreekwoordelijke grens als een broos elastiekje knapt. De staat van uitputting is bereikt. Zo wordt de mens wel gedwongen tot stilstand en rust. In deze stille ‘staat van zijn’ raakt men verward. Maar verwarring heeft zin. We leren vergeten en opnieuw te balanceren op de evenwichtsbalk des levens.
We gaan weer door en ervoor.

 
 
Plaatsen/Stemmen op:  
 
Archief
© 2008 - 2013 PhotoQ | Contact | Colofon | Development by IDCA Technologies