Auteursrechtinbreuk Tros Radar door overname foto’s Getty Images

Auteursrechtinbreuk Tros Radar door overname foto’s Getty Images

Op 26 november 2014 is door de rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak tussen Getty Images en de TROS.

Getty Images exploiteert beeldmateriaal. Zij beschikt over een omvangrijke beeldbank en constateerde dat de TROS drie van de foto’s die tot die beeldbank behoren enige tijd op haar website www.trosradar.nl toonde.

De rechtbank omschrijft de juridische situatie van Getty Images ten aanzien van de foto’s als volgt: ‘Zij beschikt over (exclusieve) licenties op het werk van een groot aantal fotografen en is deels ook zelf rechthebbende op het auteursrecht van door haar geëxploiteerde werken. ’Vast komt te staan dat Getty Images voor alle drie de foto’s het recht heeft op te treden tegen derden die inbreuk maken.’

Getty Images vordert op grond van haar auteursrechten (en/of de gemaakte licentie-afspraken met de betreffende fotografen) een verbod op het gebruik van de drie foto’s. De wet geeft de auteursrechthebbende dat recht vanzelfsprekend. Echter, Getty Images ging nog een stap verder. Zij vreest dat de TROS van het materiaal in haar beeldbank gebruik zal blijven maken, dus niet alleen van de betreffende drie foto’s maar van álle materiaal. Daarom verzoekt zij de rechter om TROS direct ten aanzien van al dat materiaal een verbod op te leggen, bij overtreding van welk verbod TROS een dwangsom zal moeten betalen aan Getty Images. Is dit juridisch gezien mogelijk?

De rechtbank Amsterdam overweegt dat ‘indien aannemelijk is dat er een reële dreiging is dat de betreffende partij op aanzienlijke schaal inbreuken zal gaan plegen’ er wellicht plaats is om een verbodsrecht op alle werken van een bepaalde partij, jegens een bepaalde partij uit te spreken. De hier aangevoerde omstandigheid dat er naast de drie foto’s later nog drie afbeeldingen bleken te zijn gebruikt door de TROS, acht de rechter echter onvoldoende. Daarbij weegt de rechtbank ook mee dat de TROS een omroep is die journalistieke arbeid (mede online) verricht, welke arbeid wordt beschermd door de vrijheid van meningsuiting. Een verbod onder dwangsom vormt daarvan te zeer een beperking, tenzij zou kunnen worden aangetoond dat ‘het betrokken medium op grote schaal systematisch ongerechtvaardigd op het auteursrecht inbreuk maakt’.

Getty Images vordert daarnaast de door haar geleden schade van de TROS. Zij maakt daarbij aanspraak op de licentievergoeding, verhoogd met een factor 3. De rechtbank Amsterdam stelt op dit punt allereerst vast dat de verhoging naar de argumenten van Getty Images een punitief karakter heeft. Getty Images voerde namelijk aan dat die verhoging het verschil duidelijk zou moeten maken tussen rechtmatig een licentie afnemen en ‘achteraf’ betalen nadat inbreuk is gemaakt, bovendien moet die verhoging eventuele toekomstige inbreukmakers afschrikken. De rechtbank gaat daar niet in mee.

De rechtbank overweegt echter expliciet dat er wel ruimte kan zijn voor verhoging van de ‘standaard’ licentievergoeding, wanneer ‘zich andere schade heeft voorgedaan. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als sprake is van een werk dat slechts selectief of onder bepaalde voorwaarden wordt gelicentieerd, zodat de gebruikelijke licentievergoeding niet geacht kan worden het verlies aan exclusiviteit te compenseren. Ook kan naast de gebruikelijke licentievergoeding in beginsel aanspraak gemaakt worden op een vergoeding voor kosten van handhaving van het auteursrecht en opsporing van de inbreuk(makers) en kan, indien het tot een procedure komt, […] aanspraak worden gemaakt op redelijke en evenredige proceskosten.’ De rechtbank wijst aan Getty Images de door haar gestelde gebruikelijke (licentie)vergoeding toe, verhoogd met een factor 1,25.

Bij de exploitatie van een beeldbank als hier aan de orde acht de rechtbank blijkbaar geen andere schade aanwezig. Dit kan uiteraard anders zijn, wanneer het beeldmateriaal niet algemeen aan het publiek wordt aangeboden via een beeldbank, maar wanneer de exploitant of de fotograaf daar per geval (bijzondere) afspraken over maakt. Mij lijkt dat daar ook regelmatig sprake van zal zijn. Een ongeoorloofd gebruik van het materiaal kan dan wel degelijk de exclusiviteit van het auteursrecht aantasten. De rechtbank Amsterdam geeft hier aan dat in een dergelijk geval zeker ruimte bestaat voor een (ruimere) verhoging van de gebruikelijke licentievergoeding, te betalen door de inbreukmaker.

Hierbij de link naar de volledige uitspraak:

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBAMS:2014:8092

Esther Mommers is advocaat Intellectuele Eigendomsrecht en Internetrecht bij Dirkzwager te Arnhem (afdeling IE-IT, e-mail: Mommers@dirkzwager.nl, telefoon: 026-353 83 23).

Een reactie plaatsen