Moet elke inbreuk op auteursrechten bestraft worden, of niet?

Is een beetje inbreuk op auteursrechten ook écht een inbreuk? Moet de rechter voor elke inbreuk, hoe gering ook, sancties opleggen? Deze vragen speelden in een recente kwestie tussen stockfotobureau Masterfile en webwinkel ABC Kado.

Wat was er aan de hand? Masterfile kwam op tegen het gebruik van een foto van een kussend bruidspaar in 3 fotolijstjes door ABC Kado, aangeboden in haar webwinkel. Die kant-en-klare lijstjes zouden eerder zijn gekocht in Engeland, met daarin de foto, en vervolgens op de website zijn geplaatst. De maximale winst zou 15 euro zijn geweest. Na een sommatiebrief van Masterfile is de website direct offline gehaald en sindsdien niet meer heropend. Masterfile stapt niettemin naar de Rechtbank Amsterdam en vordert een verbod op het gebruik van de foto en schadevergoeding.

Voor toewijzing van iedere vordering geldt het adagium ‘geen belang geen actie’. Dit beginsel is nader uitgewerkt in de Auteurswet. Volgens de artikel 18a van de Auteurswet wordt de incidentele verwerking van een werk ‘van ondergeschikte betekenis’ niet als inbreuk beschouwd. De rechtbank past deze bepaling toe: de foto wordt aangemerkt als onderdeel van ondergeschikte betekenis in een ander werk, te weten de op de website getoonde afbeelding van het te koop aangeboden lijstje.

De rechtbank oordeelt dat de inbreuk, voor zover daar sprake van is geweest, “van zeer beperkte omvang en duur is geweest” en dat “uit alles blijkt dat ABC Kado c.s. niet doelbewust de gewraakte foto op haar website heeft geëxploiteerd maar dat zij slechts beoogde om drie fotolijstjes die zij te goeder trouw in Engeland had verkocht met een zeer bescheiden winst door te verkopen via haar website”. De rechtbank spreekt samenvattend over een “de minimis” geval en over een “bagatel”. Geen inbreuk dus.

Voor zover ik heb kunnen nagaan is artikel 18a Aw, tot de kwestie tussen Masterfile en ABC Kado, slechts één keer eerder in de Nederlandse rechtspraak toegepast. Toen ging het om de overname van een graffitti-tag in de Amsterdam Arena, te zien in een computerspel (een videogame voetbalspel). Verdedigd werd dat het ging om een klein onderdeel in het hele spel van ondergeschikte aard. Het is dan onredelijk, zo is de redenering, dat de rechter een sanctie oplegt door het hele spel te verbieden; de graffiti-tag is immers moeilijk scheidbaar van het spel. Overigens werd in dat geval genoegdoening geboden aan de maker die hem meer naamsbekendheid had kunnen opleveren, maar dat werd door de maker niet geaccepteerd. De Rechtbank Arnhem wees de auteursrechtelijke claims uiteindelijk af.

Deze omstandigheden spelen mijn inziens niet in de huidige kwestie over het gebruik de foto van het kussende bruidspaar. Foto’s in fotolijstjes zijn per definitie makkelijk scheidbaar van de lijstjes. De lijstjes zelf kunnen, na verwijdering van de foto’s, gewoon worden aangeboden. In die zin maakt de foto geen onderdeel uit van een groter geheel. Daarnaast spreek artikel 18a Aw van een incidentele verwerking. Als dat slaat op de verwerking van de foto in het lijstje, waarover men van mening kan verschillen, lijkt mij het dat de foto juist als eyecatcher dient voor de verkoop van het lijstje en de verkoop daarvan moet stimuleren. Een bagatel is het dan evenmin. Bovendien spreekt artikel 18a Aw niet uitdrukkelijk over een maximaal aantal ‘verwerkingen’ of maximale ‘winst’ voor toepassing van het artikel. Is er bij 50 foto’s in fotolijstjes met een winst van 250 euro ineens wél een inbreuk. Of moet het gaan om meer, of minder? Zodanige toepassing van artikel 18a Aw – op zichzelf al een exotische bepaling – leidt dus snel tot een glijdende schaal, met rechtsonzekerheid tot gevolg. Dat is onwenselijk. Ten slotte, doelbewustheid of opzet is voor het aannemen van auteursrechtinbreuk niet vereist. Ook daarom kan ik mij niet vinden in het oordeel van de rechtbank.

Lees de uitspraak van de Rechtbank Amsterdam hier: http://www.ie-forum.nl/backoffice/uploads/file/IE-Forum%20Rechtbank%20Amsterdam%2018%20december%202013,%20HA%20ZA%2012-456%20(Masterfile%20tegen%20ABC%20Kado%20c_s_).pdf

Lees de eerdere uitspraak van de Rechtbank Arnhem hier: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBARN:2005:AU5454

Lees mijn eerdere column over auteursrechtinbreuk en opzet hier: http://photoq.nl/hof-amsterdam-onderzoeksplicht-voor-overname-fotos/

Joost Becker is advocaat Intellectuele Eigendomsrecht en Internetrecht bij Dirkzwager te Arnhem (afdeling IE-IT, e-mail: becker@dirkzwager.nl, telefoon: 026-353 83 77).