De dwalende tred van ontdekkingsreiziger Eijkelboom

De dwalende tred van ontdekkingsreiziger Eijkelboom

Goede bedoelingen en modern wonen begon als een fotografisch dagboek over de Bijlmermeer, het Amsterdamse stadsdeel waar Hans Eijkelboom nu enkele jaren een flat op de negende verdieping bewoont. Een straffere overgang van het Arnhemse platteland naar dit Nederlandse Brooklyn was bijna niet mogelijk. “Ik loop nog steeds als een nieuwsgierig kind door mijn nieuwe woonomgeving en sla heel onbevangen alle indrukken op”, zegt Eijkelboom daar zelf over. De beelden die dat opleverde moesten samen een verhaal vertellen van de bewoners en hun interactie met de specifieke architectuur van Amsterdam-Zuidoost.

Bladerend door het boek benadert het gevoel van die ontdekkingstocht door de wijk. Je kunt je zomaar voorstellen hoe Eijkelboom een gek bankje tegenkomt en bij het tweede gekke bankje denkt: “Misschien moest ik daar maar eens een foto van maken” om zo, voor hij er erg in heeft, alle bankjes op zijn pad vast te leggen. Bankjes? Ja bankjes. En hekjes, sculpturen, perkjes, aanplakbiljetten en galerijen –waarbij hij de clichématige beelden waar de Bijlmer zich voor leent, zo goed mogelijk vermijdt. En dan de mozaïeken die verschillende gebouwen sieren. En wat te denken van de reeksen portieken waarnaast zonder uitzondering de grijze kliko’s in het gelid staan. Het is duidelijk dat Eijkelboom’s interesse aan het verschuiven is van de menselijke identiteit naar de mens en zijn omgeving en in hoeverre je daar aan kunt aflezen wie er wonen; naar de botsing tussen de idealistische denkbeelden van het modernisme en de harde, soms verloederde werkelijkheid.

En die werkelijkheid vormt vaak reden voor diepe treurnis. Want hoe kan het toch dat de gemiddelde bewoner –en zijn we dat niet allemaal- streeft naar diversiteit, dat hij zich wil onderscheiden, maar dat de bouwheren ons met uniforme straatbeelden omhullen. Hoe herken je daartussen in godsnaam nog je eigen voordeur? Je ziet dan ook dat vrijwel onmiddellijk de behoefte ontstaat om zo’n woning aan te kleden en hem ‘eigen’ te maken: een afdakje boven de deur, een tierlantijnig naambordje, een gezellige borstelmat. De vergelijking met Eijkelboom’s portretten van mensen hoeft niet ver gezocht te worden.

Maar Hans Eijkelboom zou Hans Eijkelboom niet zijn als er niet ook mensen in dit boek voorkwamen. Het gaat de fotograaf om de interactie tussen beide, maar die is nauwelijks te ontwaren. Sterker nog: de tegenstelling tussen de bewoners van de Bijlmermeer en hun omgeving kan nauwelijks groter, een uitzondering daargelaten: denk aan de kantoorklerken die op een bankje hun lunch van Bakker Bart genieten en de man op een bankje voor zijn huis omringd met coniferen in gemeentelijk aandoende bloembakken.

Zoals gezegd volgt het boekontwerp Eijkelboom’s dwalende tred en ontdekkingsreizigeroog. Hij stuurt de kijker door bepaalde groeperingen, maar er valt nog steeds veel zelf te ontdekken. De vormgeving is evenwel ook wat vermoeiend. Er staan wel heel veel beelden op een pagina, je weet bijna niet waar je moet kijken. Na even volhouden ontdek je de logica –het ritme van de terugkerende motieven, de verandering mettertijd, maar een bladzijde verder is die soms alweer zoek. Bovendien vraag ik me af of die veelheid nodig is om de boodschap te communiceren.

Onbetwist is dat Goede bedoelingen en modern wonen een volledig tijdsbeeld geeft van een wijk die tot experiment van stedenbouwkundigen is verworden. Daarbij zet het aan tot opmerkzaamheid en een hoop gemijmer, en dat is nooit verkeerd.

Hans Eijkelboom – Goede bedoelingen en modern wonen. Fotonotities over de Bijlmer
Met een essay van Hans den Hartog Jager
Vormgeving door Mevis en Van Deursen
NAI Uitgevers /AMC 2010
ISBN 978-90-5662-758-4

Te koop in de PhotoQ webshop

Een reactie plaatsen