Paris Photo: wie durft?

Paris Photo: wie durft?

Ontwerper/uitgever/curator Willem van Zoetendaal is dezer dagen bij Paris Photo. De eerste dag daar brengt hem tot een persoonlijke indruk die PhotoQ graag publiceert.

Vanmorgen vroeg liep ik al rond in Grand Palais waar alweer de 17e editie van Paris Photo plaats vindt.

De heldere en nog warme herfstzon viel overdadig door de glazen dakramen. Ik vroeg me af wat Mattie Boom en Hans Rooseboom van het Rijks museum van dit schelle licht zouden vinden terwijl ze in serieuze onderhandeling leken over aankoop van zwart/wit foto’s van William Eggleston bij Galerie Cheim & Read. Dit licht is wel wat anders dan de maximale 55lux die zij in hun museum bij de fotografietentoonstellingen als vaste norm hanteren. Heel benieuwd ben ik naar het moment in de verre toekomst (ik maak het niet meer mee) waarop zij hun recente aankopen zullen ontsluiten.

De inrichting van het Grand Palais is wederom in een geordend rechthoekig overzichtelijk patroon. In tegenstelling tot voorheen Caroussel de Louvre, altijd mudvol behangen met fotografische afbeeldingen is de beurs op deze plek in het Grand Palais veel toegankelijker met meer (muur)wit.

Anno 2013 is fotografie ge-upgrade tot veelal monumentale ingelijste werken. Of als het klein is in reeksen waardoor een conceptueler bewustzijn lijkt doorgedrongen. De grote galeries zoals Gagosian, Pace McGill, David Zwirner, etc., maken net zoals in Basel ook hier de dienst uit. Joekels van Ruff hangen er duur, groot en levenloos bij. Wie durft? Aan het aanbod kun je de smaak van het verzamelpubliek aflezen. Het publiek krijgt wat het verdient, oppervlakkige beleggingsobjecten zonder context. Bij Howard Greenberg beginnen de 17 jaren nu ook parten te spelen, metaalmoeheid is zichtbaar in overbekende historische keuzes. Iconen van William Klein verworden tot afgelikte boterhammen (dat rode gepenseel over die negatiefstroken) en Richard Avedon. Opvallend hoe weinig van Nederlandse bodem te zien is, behalve dan Dirk Bakker boeken, Flatland kon ik niet vinden (maar staat er wel – red).

Ik heb gelukkig ook enkele schitterende foto’s gezien zoals bij Fraenkel Gallery uit San Francisco, zo goed gekozen en zo smaakvol, bij hem leer je steeds weer hoe je naar de overzichtelijke geschiedenis van de fotografie kunt kijken. Enkele namen die de moeite waard zijn: Katy Grannan en Christain Marclay, voor de weinige echte liefhebbers.

Nog een naam die bij 2 verschillende boekenstands te vinden is (goed zoeken): boeken en werk uit het begin van de jaren zeventig: Fabio Mauri, onnavolgbaar goed en consequent.

Willem van Zoetendaal

Een reactie plaatsen